Nachtmerrie of night terror

Wat zijn night terrors of confusional arousals? Een mond vol, maar ze hebben een minder grote impact dan ze laten uitschijnen

Begint je kind soms in het eerste deel van de nacht (tussen 20u-23u) hysterisch te huilen of lijkt je kind wakker maar is hij toch niet wakker? Is deze wake-up anders dan wanneer hij anders doorheen de nacht wakker wordt? Dan kan je te maken hebben met een confusional arousal (dit kan vanaf 6 maanden) of met een night terror (vanaf 2,5 – 3 jaar).

Confusional arousals en night terrors behoren tot de parasomnieën: een verzamelnaam voor atypisch gedrag tijdens de slaap of tijdens de overgang tussen slapen en wakker zijn. Ook slaapwandelen, praten in de slaap, ritmische bewegingen zoals hoofdbonken en nachtmerries vallen onder deze grote noemer.

Wil je meer weten over de verschillende soorten parasomnieën en hoe je ermee omgaat? Lees dan ook mijn blog Help! Mijn kind heeft een parasomnie, of toch niet? Wat is een parasomnie en hoe ga je ermee om?

Wat is een confusional arousal?

Een confusional arousal ontstaat wanneer de overgang van de ene slaapcyclus naar de andere niet zo soepel verloopt. Je kind is niet echt wakker zoals bij een gewone wake-up. Zowel het waaksysteem als het slaapsysteem zijn op dat moment actief: het ene wil wakker worden, terwijl het andere nog vastzit in slapen.

Je kind is dus letterlijk half wakker, half niet.

Dat verklaart waarom je kind bijvoorbeeld intens kan huilen, mompelen, roepen, bewegen of half rechtop in bed kan zitten, terwijl je tegelijkertijd merkt dat je geen echte connectie kan maken. Wat je kind zegt, hoeft ook helemaal geen samenhang te hebben.

Hoe een confusional arousal tot uiting komt, is bij ieder kind anders en het komt ook niet bij alle kinderen voor. Het is een andere vorm van wakker worden en gaat vaak gepaard met verwardheid. Het kan enkele seconden of minuten duren, maar evengoed langer aanhouden.

Confusional arousals kunnen voorkomen vanaf ongeveer 6 maanden en kunnen bij baby’s bijvoorbeeld uitmonden in langere huilbuien. Dat maakt het soms moeilijk om te onderscheiden of het wel degelijk om een confusional arousal gaat, want baby’s zijn natuurlijk wel vaker eens even ontroostbaar.[1] 

En wat is dan een night terror?

Gaat diezelfde wake-up gepaard met een uitgesproken paniekreactie, hysterie, intens huilen of roepen, dan spreken we eerder van een night terror. Een confusional arousal en night terror liggen dus heel dicht bij elkaar. Het grote verschil is dat bij een night terror het aspect ‘paniek’ boven op het ‘verward zijn’ komt. Night terrors ontstaan doorgaans vanaf de peuterleeftijd.

Beide ontstaan voornamelijk vanuit de diepe non-REM-slaap en zie je daardoor vooral in het eerste deel van de nacht. En hoewel je kind tijdens zo’n episode heel wakker kan lijken – de ogen kunnen open zijn, je kind kan praten, roepen of bewegen – is het dat dus niet volledig.

Night terrors/nachtangst versus nachtmerries

Night terrors staan niet gelijk aan nachtmerries.

Een duidelijk verschil is dat nachtmerries voornamelijk in het tweede deel van de nacht voorkomen, tijdens de REM-slaap, terwijl night terrors en confusional arousals voornamelijk vanuit de diepe non-REM-slaap in het eerste deel van de nacht ontstaan.

Een tweede verschil is dat een kind bij een nachtmerrie echt wakker wordt en zich achteraf vaak nog herinnert dat het gedroomd heeft of bang was. Nachtmerries kunnen onder andere samenhangen met het verbeeldingsvermogen van je kind dat vanaf de peuter- en kleuterleeftijd op volle toeren begint te draaien.

Bij een night terror of confusional arousal daarentegen is je kind niet volledig wakker geweest. Daarom herinneren kinderen zich hier de volgende ochtend doorgaans niets van. En dat is belangrijk om als ouder te weten.

Een night terror is vooral voor jou als ouder of zorgfiguur zeer heftig,
terwijl je kind deze angst of paniek niet bewust beleeft zoals bij een nachtmerrie.

Als je kind zo’n confusional arousal of night terror doormaakt, wat kan je dan doen?

Het lijkt erg tegenstrijdig, maar eigenlijk kan je weinig doen om deze parasomnie volledig te voorkomen. Een goede slaaphygiëne kan de intensiteit en frequentie wel serieus verlagen.

Meer weten over een goede slaaphygiëne? Daar heb ik het Magazine S. voor ontworpen.
Het is een toegankelijk E-book, afgestemd op de leeftijd van je kind, die je informatie geeft over een optimale slaaphygiëne.

Een confusional arousal of night terror kan beangstigend zijn voor de mensen die dit aanschouwen, maar je kind zal zich er doorgaans niets van herinneren. Erover praten de volgende dag helpt dus niet noodzakelijk en raad ik ook niet standaard aan. Je kan gerust eens polsen hoe je kind geslapen heeft. Geeft je kind zelf niets aan en lijkt het zich niets te herinneren, dan hoef je niet te vertellen wat het die nacht allemaal gedaan heeft. Je geeft je kind anders misschien informatie waardoor slapen net beangstigend kan worden: het hoort dat het dingen doet in zijn slaap waar het zich niet bewust van is en waar het geen controle over heeft.

Het belangrijkste tijdens zo’n episode is zorgen voor een veilige slaapomgeving. Tijdens een night terror kan het bijvoorbeeld gebeuren dat je kind uit bed komt.

Wat je tijdens zo’n episode doet, is afhankelijk van kind tot kind.

Als je je kind niet ‘stoort’, bestaat de kans dat de night terror of confusional arousal sneller passeert. Blijf in de buurt, bijvoorbeeld in een hoek van de kamer of net buiten de kamer, zodat je het proces kan monitoren. Hoe graag je ook wil helpen, veel tussenkomen kan de arousal bij sommige kinderen net versterken. Zeg hierbij gerust tegen jezelf: mijn kind is niet volledig wakker en zal dit morgen waarschijnlijk niet meer weten.

Soms kan het net wél nodig zijn om je kind volledig wakker te maken. Bijvoorbeeld wanneer je kind tijdens zo’n episode uit bed komt, heel wild beweegt, zichzelf in een onveilige situatie brengt of wanneer je merkt dat de episode blijft aanhouden en je kind er zelf niet uit geraakt. Dan kan je je kind bijvoorbeeld meenemen naar een andere ruimte, het licht aandoen of een koudeprikkel gebruiken om het volledig wakker te krijgen.

Er bestaat dus geen standaardhandleiding die voor ieder kind werkt. Bij het ene kind zorgt zo weinig mogelijk tussenkomen ervoor dat de episode sneller voorbijgaat, terwijl een ander kind net hulp nodig heeft om volledig wakker te worden.

Het is dus een beetje zoeken naar de handleiding van je eigen kind.

Deze arousals hangen samen met het rijpen van slaapprocessen en de overgang tussen slapen en wakker worden. Wanneer die processen verder rijpen, zullen deze arousals of terrors bij veel kinderen verminderen en uiteindelijk verdwijnen. Hoelang zoiets duurt, is zeer afhankelijk van moment tot moment en van kind tot kind.

Kan je night terrors of confusional arousals voorkomen?

Je kan ze niet altijd voorkomen, maar als je merkt dat dit af en toe bij je kind gebeurt, kan je preventief wel op een paar dingen letten

  • Zorg voor weinig schermtijd net voor het slapen. Zowel voor jezelf als voor je kind trouwens geen slechte tip.
  • Weet dat ze bij koorts meer kunnen voorkomen.
  • Ook nieuwe stappen en veranderingen kunnen een trigger zijn. Denk aan de eerste keer naar school, eerste stapjes, voor het eerst op kamp gaan of ergens anders slapen. Veel nieuwe prikkels kunnen spanning geven omdat je kind heel wat nieuwe indrukken moet verwerken. Zet op zulke momenten extra in op verbinding voor bedtijd en het samen doorlopen van de dag, bijvoorbeeld door een verhaaltje over de dag te vertellen of het dagverloop te visualiseren.
  • Ook oververmoeidheid kan een trigger zijn. Hou je kind goed in de gaten wanneer je merkt dat vermoeidheid de bovenhand neemt. Het kan helpen om je kind, al dan niet tijdelijk, wat vroeger naar bed te laten gaan.
  • Wanneer je merkt dat er een duidelijk patroon ontstaat en de arousal frequent rond hetzelfde tijdstip voorkomt, kan je proberen je kind ongeveer een halfuur ervoor kort en rustig wakker te maken. Je kind valt vervolgens opnieuw in slaap en start zo als het ware een nieuwe slaapcyclus. Daardoor kan je het bestaande patroon soms doorbreken. Deze methode werkt helaas niet bij elk kind.

Wat moet je onthouden?

Wat je vooral moet onthouden? Niet hoe al die termen precies heten – confusional arousal bekt nu eenmaal niet fantastisch – maar dat deze momenten bij kinderen kunnen voorkomen en vaak samenhangen met het verder rijpen van hun slaap. Je kind lijkt wakker, maar is het niet volledig. Dat verklaart waarom je soms geen contact krijgt, waarom troosten niet altijd helpt en waarom je kind zich er de volgende ochtend doorgaans niets van herinnert.

Hoe heftig een night terror er voor jou ook uitziet, je kind beleeft die episode niet bewust zoals een nachtmerrie.

Zorg vooral voor veiligheid, kijk welke aanpak bij jouw kind het beste werkt en weet dat deze episodes bij veel kinderen verminderen wanneer ze ouder worden.

En wil je na dit hele verhaal vooral weten waarom je kind óók nog praat, wandelt, wiegt of andere bijzondere nachtelijke hobby’s heeft? Lees dan verder in mijn blog Help! Mijn kind heeft een parasomnie, of toch niet? Wat is een parasomnie en hoe ga je ermee om?

Véél succes,
Anoek


[1] Ferber, R. (2006). Solve your child’s sleep problems. Londen: Vermilion

Klik hier om rechtstreeks naar onze gratis downloads te gaan.

X
0
0
Je winkelwagen
Je winkelwagen is leeg
Scroll naar boven